Bekende gevangenen 18de-eeuw

Jacob Campo Weyerman (1677-1747)

Weyerman is niet alleen schilder en schrijver, maar ook losbol en kwaadspreker. Weyerman publiceert wekelijks een eigen uitgave. De spotdichten daarin, leveren hem vele vijanden op. Met een kritisch stuk over de VOC dat hij in 1738 uitgeeft, gaat hij toch echt te ver. Hij wordt opgepakt en vastgezet in de Gevangenpoort. Met brave geschriften probeert hij tevergeefs zijn rechters te beïnvloeden. In 1739 wordt hij wegens laster veroordeeld tot levenslang. Hij sterft acht jaar later in de Gevangenpoort.

Catharina Mulder (1723-1798)

De Rotterdamse Catharina Mulder wordt Kaat Mossel genoemd, omdat ze als stadskeurvrouw de kwaliteit van de mosselen controleert. In 1783-1784 zet deze visvrouw regelmatig de prinsgezinde bevolking op tegen patriottische regenten. Deze demonstraties draaien nogal eens uit op plundering en brandstichting en in 1784 wordt Kaat Mossel opgepakt voor ordeverstoring. De stedelijke rechtbank van Rotterdam veroordeelt haar tot geseling, brandmerking, tuchthuis en verbanning. Zij gaat in beroep tegen dit vonnis bij het Hof van Holland, waarvoor ze naar de Gevangenpoort wordt overgebracht. Het proces strandt echter als de stadhouder door Pruisische troepen weer in het zadel wordt geholpen. In 1787 wordt Kaat Mossel vrijgelaten, met toekenning van een flinke schadevergoeding.

François Mourrand

Op de laatste zittingsdag van de Staten van Holland in 1786 rijden twee patriottische afgevaardigden van Dordrecht met hun rijtuig door de Stadhouderspoort. Deze poort was traditioneel voorbehouden aan de stadhouder. De oranjegezinde hofkapper François Mourrand brengt hen daarom tot stilstand. Hij wordt hiervoor gevangen genomen en ter dood veroordeeld. De straf wordt uiteindelijk omgezet in levenslang Tuchthuis. Net als Kaat Mossel komt Mourrand vrij na terugkeer van stadhouder Willem V.

Laurens van de Spiegel (1736-1800)

Raadpensionaris Laurens Pieter van de Spiegel is een trouw aanhanger van de stadhouder en verzet zich tegen de democratische vernieuwingen van de patriotten. Hij onderhoudt goede contacten met Engelse en Pruisische diplomaten. Via spionne Etta Palm blijft hij op de hoogte van de plannen van de naar Frankrijk gevluchte patriotten. Na de Franse inval in 1795 wordt Van de Spiegel opgepakt door het nieuwe bewind. Hoewel een proces nooit van de grond komt, zit hij vier jaar gevangen: achtereenvolgens op de Kastelnij op het Binnenhof, in Huis ten Bosch, in de Vrouwenkamer in de Gevangenpoort en tenslotte in het kasteel van Woerden.

Ocker Repelaer (1759-1832)

Onder stadhouder Willem V is Ocker Repelaer commissaris-generaal van het Staatse leger. Hij poogt regelmatig bij de Franse regering een verzoening tussen de patriotten en prinsgezinden tot stand te brengen. Hiervoor wordt hij echter in 1795 gearresteerd. Bij een huiszoeking worden verdachte brieven in geheimschrift gevonden. De patriotten eisen de doodstraf wegens antirevolutionaire briefwisseling. In 1797 wordt de strafeis na een moeizaam proces omgezet in vier jaar gevangenisstraf. Ocker wordt van de Gevangenpoort overgebracht naar kasteel Woerden. Tijdens zijn tweejarig verblijf in de Ridderkamer houdt Ocker Repelaer een dagboek bij. Omdat hij verwacht ter dood te worden veroordeeld, schrijft hij ook alvast zijn testament en een grafschrift. Deze documenten hoeft hij gelukkig niet direct te gebruiken. Na het uitzitten van zijn straf krijgt hij opnieuw belangrijke functies aangeboden. Koning Willem I verheft hem later zelfs in de adelstand.