Geschiedenis van Museum de Gevangenpoort

Hoofdpoort tot het grafelijk slot

Vroeger, in het jaar 1280, vormde dit gebouw de imposante hoofdpoort tot het kasteel van de Graven van Holland, nu bekend als het Binnenhof. In de vijftiende eeuw, in 1428, werd deze Voorpoort van den Hove ook een gevangenis. Hier werden wanbetalers opgesloten en wachtten verdachte misdadigers op hun proces. Een eeuw later werd de poort uitgebreid met de gajolen (de cellen) en het gerechtsgebouw.

Gevangenpoort als gevangenis

Verdachten werden in de donkere en koude gajolen opgesloten in afwachting van hun ondervraging en berechting. Dat kon soms maanden duren, maar gevangenhouding was tot de 17e eeuw geen strafmaat op zich. Het ging om geldboetes, verbanning, schand-, lijf- of doodstraffen. Bekende vaderlanders als Cornelis de Witt en Dirk Volckertszoon Coornhert hebben in de Gevangenpoort vastgezeten. Ze verbleven in een eigen, luxe cel: de Ridderkamer.

Gevangenpoort als museum

Vierhonderd jaar lang was de Gevangenpoort een gevangenis. In 1828 kwam de poort leeg te staan. Het heeft twee nominaties voor sloop overleefd, één in 1853 dankzij minister Thorbecke en één in 1873 dankzij de aartsvader van de nationale monumentenzorg Victor de Stuers. Sinds 1882 is de Gevangenpoort een museum.